 Miriam van Campen met trainees
Op de grond zitten
Mohammed en Hadil, twee kleine turfjes, broer en zus.
Kinderfysiotherapeut Miriam van Campen lokt ze uit tot beweging, met
blokken, een knuffel, met haar stem. 'Deze twee werden hier
letterlijk gedropt. Bijna een jaar oud was de een, de ander tien
maanden ouder. Ze konden alleen maar liggen, als gevolg van
ondervoeding en onderprikkeling.'
Nu, anderhalfjaar later,
zitten de turfjes vrolijk met blokken te spelen. Klein zijn ze nog
steeds, en achter in hun ontwikkeling. Maar gehandicapt blijken ze
achteraf maar heel licht te zijn. 'Jemenieten houden erg van
kinderen. Kinderen zijn hier heilig. Alleen ontbreekt soms geld en
kennis over opvoeding en ontwikkeling. Speelgoed hebben kinderen
niet. Terwijl spelen zo belangrijk is voor hun ontwikkeling. Je moet
kinderen prikkelen, daarna ontwikkelt het kind zichzelf verder.'
Sinds december 2005 is Miriam van
Campen elke ochtend op het Al Eman Centre for Rehabilitation, een
mytylschool in Sana'a, hoofdstad van Jemen. Miriam is vrouw van een
diplomaat. Toen duidelijk was dat het ministerie haar man naar Jemen
zou uitzenden, is Miriam gaan zoeken naar een eigen rol in Jemen.
Als kinderfysiotherapeut lag het Al Eman istituut voor de hand.
Financiering regelde de Nederlandse stichting gehandicapte kind
Jemen, een club opgericht door voormalige Jemen-reizigers. 'Ik kon
natuurlijk ook thuis blijven zitten, maar daar heb ik geen zin in.
Het is mijn beroep, en ik doe dit echt heel erg graag.
Duizend gehandicapte kinderen -van
licht tot zwaar gehandicapt- vangt het instituut dagelijks op.
Gelukkig brengen ouders hun kinderen steeds eerder, merkt Miriam na
ruim twee jaar werken voor Al Eman. 'Ik zie dat de gemeenschap begint
open te staan. Vroeger werden deze kinderen in een hoekje gelegd, uit
schaamte, want een gehandicapt kind zou een straf van God zijn. Dat
begint te veranderen. Het is belangrijk dat ze hier zo jong mogelijk
komen. Je moet zo vroeg mogelijk starten met de behandeling. Deze
kinderen moeten ervaren, voelen dat ze met onze hulp kunnen leren
zitten, mogelijk staan, soms zelfs lopen. Anders, vanaf een jaar of
zeven, acht, is er weinig meer te redden.'

Miriams komst heeft wel het een en
ander veranderd. Veel speel- en beweegmaterialen zijn toegevoegd. De
timmerman maakt speciale stoelen en apparaten, en zaagt grote blokken
schuimplastic tot kussens, onmisbaar bij de bewegingsoefeningen.
'Toen ik hier kwam werden de kinderen eigenlijk alleen op de mat
behandeld, maar dat stimuleert onvoldoende. Wat ik de mensen heb
bijgebracht is door spelen en bewegen de kinderen hun beperkingen te
laten overwinnen. Ik heb hun functioneel leren denken: dat ze zich
moeten richten op wat de kinderen wel kunnen. En dat kan heel veel
zijn. De gedachte dat ze toch niets kunnen, die is nu weg.'
Ook houdt de staf dossiers bij, en is
er een vaste intakeprocedure ingesteld. 'Voordat ze met hun handen
gaan werken, moeten ze eerst alles op een rijtje hebben. Wat is de
achtergrond van het kind. Wat hebben de ouders gedaan, wat doen ze
nu. En eerst kijken naar het kind, onderzoek doen. Een diagnose
stellen kan niet, daarvoor moet je arts zijn. Maar je kan wel
voorzichtig iets constateren, een spasme, of een quadriple. En van
daaruit kan je een behandelplan opstellen.' Verder heeft Miriam een
stagiair van de Tilburgse academie voor lichamelijke opvoeding
geregeld, voor de gymles.
Kennis is -zoals altijd en overal- de
sleutel tot vooruitgang. Het bijscholen van het personeel, daar zit
de meeste winst. Twee van de 'meiden' – Awateff (26) en Taisir
(20)- zijn intussen Miriams speciale project geworden. Een opleiding
hebben ze nooit gehad, behalve middelbare school. Nu worden ze alsnog
omgeschoold tot 'halve' kinderfysiotherapeuten. 'Er zit heel veel
in. Ze zijn enorm betrokken. Ze denken al lang niet meer over de
straf van God, en kennen al heel wat van de terminologie uit de
fysiotherapie. De testen die ik voor ze ontwerp leggen ze stuk voor
stuk met goed gevolg af. Als ik volgend jaar vertrek, zullen ze het
ook zonder mij wel redden. En toch ga ik de meiden naar Nederland
halen. Ze moeten op cursus om hun kennis verder te vergroten, zodat
ze geprikkeld blijven.'
www.gehandicaptkindjemen.nl
|