|
In de serie Uitblinkers Junior
speurt Talent naar de overeenkomsten tussen jong talent. Gymnasiast
en Junior College Utrecht-student Linda van der Spaa (16) combineert
een liefde voor muziek met een passie voor de natuur. ' Kijk, je hebt
van die stuwmeren, die gewoon helemaal kaal en dood aanvoelen,
terwijl in de gezonde natuur je jezelf juist helemaal kunt opladen.'
 Linda van der Spaa
Factor: Talent
Ik hou erg van natuurverschijnselen.
Toen ik acht was heb ik op de sterrenwacht een cursus gevolgd.
Eigenlijk was ik daarvoor te jong, toch won ik de eerste prijs: een
sterrengids. Vanaf dat moment heb ik ieder jaar een sterrengids
gehad. In groep acht maakte ik een speciale zonnebril, om de
venusovergang te kunnen zien. Dat zag er redelijk vreemd uit, zo'n
klein meisje met een dichtgeplakte bril. Maar uiteindelijk stond er
wel een rij kinderen die ook allemaal door die bril wilde kijken.
Hier in de tweede klas van het Gymnasium heb ik een planetarium
gebouwd van Jupiter en zijn manen. Best ingewikkeld, want alles moest
kloppen. Banen van een jaar omrekenen op schaal, met priemgetallen
werken. Samen met een instrumentenmaker heb ik de tandraderen
gemaakt.
We wonen in de stad, maar eigenlijk voel ik me meer
thuis in de natuur. Alle vakanties trekken we de natuur in. Vanaf
mijn zesde al verzamel ik zaden. Ik ben vrij snel met het leren van
plantennamen. Een tijdje geleden heb ik een vogelboek ingescand en
zoekkaarten gemaakt. Vond ik leuk om zelf te maken. Bovendien, als je
klaar bent ken je al veel vogels. Ik heb dat naturalistische zelf
eigenlijk nooit als talent ervaren. Ik ben meer met muziek bezig.
Het is wel dat het soms samenkomt. Laatst heb ik een stuk geschreven.
Ik heb het Notte degli Animali genoemd, omdat ik nachtdieren in de
muziek hoorde.
Factor: Toeval
Mijn
ouders zijn allebei muziekdocent, dus daar zit weinig toeval. Ik had
hoogstens een ander instrument kunnen kiezen. Ik weet dat mijn oma
veel tuinierde, dus dat zal ook wel deels in de genen zitten. Ik heb
twee jaar geleden op school een kruidentuin aangelegd, dat kwam voort
uit een plusproject biologie. Ik had al heel lang in mijn hoofd dat
ik een kruidentuin zou willen aanleggen. De jeugd kijkt redelijk
minachtend tegen natuur aan, gewoon blikjes de bosjes ingooien en zo.
Misschien, dacht ik, gaan mensen meer nadenken over natuur als ze
zien wat je ermee kan en wat het belang er van is. De conciërge
bleek nog een stuk grond over te hebben, een lange dunne strook langs
de gymzaal. Maar, zei hij, dat had weinig zin, want behalve klimop
groeide daar toch niks. Nu groeien er kruiden, zoals stokroos,
kaardenbol, koningskaars en een passiebloem die de vezeltjes bedekt
van de klimop die we hebben gerooid. Er groeit zelfs een moerasplant,
hoewel het hele droge grond is.
Factor: Inzet
Sommige muziekstukken zijn lastig, dan
moet ik echt oefenen tot het erin zit. Het komt voor dat ik daar te
weinig tijd voor heb, dan versloft het een beetje. Dat is wel jammer.
Gelukkig is het nu vakantie en heb ik wat meer tijd voor de muziek.
Sinds vorig jaar zit ik op het Junior College
Utrecht (JCU). Maandag en dinsdag van negen tot half vijf volg ik op
het JCU de exacte vakken. Daarvan ben ik vrijgesteld op school, toch
mis ik dan ook andere vakken op die dagen. Die moet ik inhalen,
daarom blijft er niet heel veel tijd over. Maar tijd tekort kom ik
toch wel, daar verandert het JCU eigenlijk weinig aan. De
beslissing te solliciteren voor het JCU was niet zwaar. Ik heb vaak
vragen waar docenten geen antwoord op hebben, al vanaf de
basisschool. Op het JCU zijn er docenten van de universiteit, die
kunnen zulke vragen meestal wel beantwoorden.
Factor: Motivatie
Vroeger hoorde ik
nog wel 'ns: zou je niet eens gaan oefenen, want je hebt al een week
niet gespeeld. Dat hoeft allang niet meer. Het is in de loop der
jaren steeds meer vanzelf gekomen. Nu heb ik gewoon zin in muziek
maken. Dwarsfluit spelen kan ik echt uren achtereen volhouden.
Componeren doe ik ook graag. Ik ben ook graag creatief bezig, maar
daar is eigenlijk alleen in de vakantie tijd voor. Verder zit ik op
klassiek ballet, heb ik jarenlang Indiase dans gedaan en zat ik een
tijdje op paardrijden. Balsporten staan mij niet zo aan. Ik kan heel
goed de bal ontwijken. Dat vinden anderen niet zo leuk. Maar dat kan
me echt helemaal niks schelen.
Factor: Ouders
Ik begon op mijn vijfde
met muziek. Eerst wilde ik noten leren lezen. Daarna begon ik met
blokfluit, dat werd al snel dwarsfluit en nu doe ik er ook slagwerk
bij. Slagwerk doe ik bij het AmersfoortsJeugdOrkest. Ik heb eerst bij
het DomstadJeugdOrkest gezeten, maar daar had ik weinig contact met
de mensen. Ik heb er veel geleerd, maar het niveau en de inzet lagen
er een stuk lager, soms zat ik daar gewoon huiswerk te maken. In
Amersfoort was het meteen leuk. Daar spelen we met veel enthousiasme
echte werken op hoog niveau.
Op jonge leeftijd heeft het mijn
ouders wel moeite gekost om mij dingen af te laten maken. Mijn
spanningsboog was toen vrij kort, doorzetten heb ik moeten leren. Ik
ben enig kind, ze hadden natuurlijk wel alle tijd voor me. Ze hebben
me altijd antwoord gegeven op de vele waaromvragen, ook al waren de
antwoorden niet altijd even bevredigend.
Factor: Hulp
Ik ken veel mensen die bezig zijn met
kruiden, met natuur, met planten en alternatieve geneeswijzen. Van
hen leer ik, mijn ouders leren met mij mee. En uit boeken leer je
anders, je kan het beter van mensen leren. Verder zijn er klasgenoten
met wie ik samen muziek speel, waaronder iemand die me begeleidt op
de piano. Met mijn ouders speel ik ook samen. Ik heb geen idolen.
Muziek inspireert me vaak wel, maar dat is nooit aan de musicus
gebonden.

Factor: Imago
Mensen mogen me zien zoals ze willen.
Als dat positief is des te beter, en anders nou ja, dan moet dat
maar. Dat ik vaak in die tuin mag werken, dat begrijpen ze niet
allemaal. Ik heb geleerd mijn eigen gang te gaan. In de eerste klas
heb ik wel bij een meidenclubje gezeten, maar dat was zo verstikkend,
dat heb ik snel losgelaten.
Het tuinproject hebben we twee jaar
geleden afgerond, maar planten groeien gewoon verder. Daarom heb ik
een tuinvereniging opgericht. Ik heb een oproepje geplaatst en
gelijkgestemde mensen uit verschillende klassen gepikt. We trekken op
school redelijk de aandacht. Er lopen regelmatig leden met zwarte
handen door de school. Meestal wordt er wat laatdunkend over gedaan.
Dan grappen ze of we hun gras ook kunnen maaien. Ik ben dat gewend,
ben vroeger redelijk veel gepest. Ook omdat ik groep vier heb
overgeslagen. Hier op het stedelijk Gymnasium zitten meer mensen die
geplaagd zijn. Pesten komt hier nauwelijks voor.
Factor: Zelfkennis
Moeilijke vraag. Soms reageer ik niet
zo handig op mensen. Ik ben niet iemand die altijd snel contact legt,
terwijl het wel handig is om te kunnen. Met gelijkgestemden omgaan
vind ik geen probleem, met mensen omgaan die andere dingen doen en
anders denken vind ik soms lastig. Hier op het Gymnasium zijn altijd
voldoende mensen van hetzelfde niveau.
De basisschool was
moeilijk. In groep drie had ik geen zin om te schrijven. Ik ben
linkshandig, en we moesten verplicht met potlood schijven. Maar mijn
hand werd vies en de zin die ik schreef onleesbaar. Mijn tafeldiploma
haalde ik niet, want ze legden een stopwatch naast je neer. Ze
dachten dat ik langzaam was. We hebben een andere school gezocht, met
betere docenten, meer structuur en duidelijke opdrachten. Bij de test
bleek ik twee jaar met rekenen vooruit te zijn en met taal een jaar,
dus kwam ik meteen in groep vijf. Daar hebben ze me toch nog
schrijven geleerd, met een pen, en op een manier zodat ik er geen
vieze handen van kreeg.
Factor: Toekomst
Ik zoek geen toekomst in de muziek. Ik
wil graag studeren in Leiden of Delft. Iets praktisch, zodat je niet
altijd achter een computer of microscoop zit. Misschien iets met
duurzame energie. Ik wil wel met de natuur bezig blijven. Ik wil
nuttig bezig zijn op een gebied waar ik mezelf prettig voel. En ik zal een minor muziek gaan doen op
het Koninklijk conservatorium in Den Haag. Samen muziek spelen, dat
zal altijd wel blijven doorlopen. En ik zal veel vrije tijd in de
natuur doorbrengen, want dat geeft me energie. Kijk, je hebt van die
stuwmeren, die gewoon helemaal kaal en dood aanvoelen, terwijl in de
gezonde natuur je jezelf juist helemaal kunt opladen.
|